Een kredietrapport bevat veel verschillende gegevens en analyses. Hieronder leggen we kort uit wat de belangrijkste onderdelen betekenen en hoe u deze kunt gebruiken bij het beoordelen van relaties of het nemen van zakelijke beslissingen.
Een kredietrapport geeft u een helder overzicht van de financiële positie en betrouwbaarheid van een onderneming. Door verschillende gegevens en kengetallen samen te brengen, krijgt u snel inzicht in de kredietwaardigheid van uw zakenpartner. Hieronder leggen wij de belangrijkste onderdelen uit.
Het kan voorkomen dat een kredietrapport de melding geeft score 2 / rating Z / risico: onvoldoende gegevens beschikbaar. Dit betekent dat er te weinig betrouwbare informatie beschikbaar is om een goede beoordeling te maken van de onderneming.
Er kunnen verschillende redenen zijn waarom er onvoldoende gegevens voorhanden zijn, bijvoorbeeld:
De onderneming is nog maar kort actief en heeft nog geen jaarrekening gedeponeerd.
Er is geen of slechts beperkte financiële informatie openbaar beschikbaar.
Het bedrijf heeft een buitenlandse rechtsvorm, waardoor gegevens moeilijker toegankelijk zijn.
Er ontbreken recente betaalervaringen of handelsinformatie.
In zo’n geval is het verstandig om extra voorzichtig te zijn. U kunt bijvoorbeeld aanvullende informatie bij de onderneming zelf opvragen, of strengere betaalvoorwaarden hanteren (zoals vooruitbetaling of lagere kredietlimieten) totdat er meer duidelijkheid is.
Een kredietrapport bevat vaak gegevens uit de jaarrekening en andere financiële bronnen. Deze cijfers geven waardevolle informatie over de stabiliteit en kredietwaardigheid van een onderneming. Om er het meeste uit te halen, is het belangrijk te begrijpen wat de verschillende onderdelen betekenen.
De balans laat zien wat een onderneming bezit en hoe dit is gefinancierd. Aan de ene kant staan de activa (bezittingen zoals gebouwen, voorraden en liquide middelen) en aan de andere kant de passiva (het eigen vermogen, leningen en andere schulden). Het is een momentopname die inzicht geeft in de structuur van het bedrijf.
Deze staat ook wel bekend als de resultatenrekening. Hierin ziet u de inkomsten en uitgaven over een bepaalde periode. Het verschil tussen beide bepaalt of de onderneming winst of verlies heeft gemaakt.
Activa: vaste activa (gebouwen, machines), immateriële activa (bijvoorbeeld goodwill) en vlottende activa (voorraden, debiteuren, kas/bank).
Passiva: eigen vermogen, voorzieningen, kortlopende en langlopende schulden. Dit geeft aan waar het kapitaal vandaan komt.
Het eigen vermogen is opgebouwd uit inbreng van de eigenaar of aandeelhouders en ingehouden winsten. Dit fungeert als buffer en zegt iets over de financiële gezondheid van de onderneming.
Werkkapitaal geeft aan of een onderneming voldoende middelen heeft om haar korte termijn verplichtingen te betalen. Het wordt berekend door de vlottende activa te verminderen met de kortlopende schulden.
Omzet: het totaal aan verkopen in een bepaalde periode, exclusief btw.
Brutomarge: de omzet minus de directe kosten van inkoop of productie. Dit laat zien hoeveel ruimte er is om overige kosten te dekken.
Na aftrek van bedrijfskosten zoals personeel, huur, marketing en afschrijvingen blijft het bedrijfsresultaat over. Dit cijfer geeft aan hoe winstgevend de kernactiviteiten zijn.
Dit is de uiteindelijke winst of het verlies na aftrek van rente, belastingen en bijzondere posten. Dit bedrag toont wat er daadwerkelijk onderaan de streep overblijft.
Door inzicht te hebben in deze onderdelen kunt u beter beoordelen of een zakenpartner financieel stabiel is en of u verantwoord krediet of betalingsruimte kunt geven. Zo helpen kredietrapporten u risico’s te beperken en weloverwogen keuzes te maken.
Niet alleen Nederlandse ondernemingen zijn actief in ons land; ook buitenlandse vennootschappen kunnen hier zaken doen. Denk bijvoorbeeld aan een Engelse Limited (Ltd), een Duitse GmbH, een Franse SA of een Amerikaanse Delaware Corporation. Deze bedrijven moeten, net als Nederlandse ondernemingen, worden ingeschreven in het Handelsregister. Ook Nederlandse ondernemers kiezen er soms voor om hun bedrijfsvorm in het buitenland op te zetten.
In Nederland geldt het zogenoemde incorporatiebeginsel. Dit houdt in dat een buitenlandse onderneming zich moet houden aan zowel het Nederlandse recht als aan de wetgeving in het land van herkomst. Zaken als oprichting, aansprakelijkheid, beëindiging en het deponeren van jaarrekeningen vallen daardoor onder buitenlands recht.
Omdat deze kerngegevens vaak niet of beperkt beschikbaar zijn volgens de Nederlandse standaarden, kan de informatievoorziening onvolledig zijn. In een kredietrapport resulteert dit doorgaans in een lage score en een neutrale rating. Dit geeft aan dat er onvoldoende gegevens zijn om een volledig betrouwbaar oordeel te vellen over de kredietwaardigheid van de onderneming.
Kerncijfers, ook wel financiële ratio’s genoemd, geven inzicht in de gezondheid van een onderneming. Ze worden berekend op basis van de jaarrekening (balans en winst- en verliesrekening). Hieronder lichten we de belangrijkste categorieën en kengetallen toe.
Liquiditeit gaat over de mate waarin een bedrijf zijn korte termijn verplichtingen kan nakomen.
Current ratio: vlottende activa gedeeld door kort vreemd vermogen. Een gezonde waarde ligt vaak tussen 1,2 en 2.
Quick ratio: vlottende activa minus de voorraad, gedeeld door kort vreemd vermogen. Geeft een realistischer beeld, omdat voorraden niet altijd direct om te zetten zijn in geld.
Werkkapitaal: vlottende activa minus kortlopende schulden. Geeft direct weer of er genoeg ruimte is om lopende verplichtingen te betalen.
Dynamische liquiditeit: kijkt vooruit door de kasstromen in een bepaalde periode te vergelijken (cashflow).
Solvabiliteit laat zien in hoeverre een onderneming in staat is om haar schulden op de lange termijn terug te betalen. Belangrijke maatstaven zijn:
Eigen vermogen / balanstotaal (hoe groot is de buffer?).
Eigen vermogen / vreemd vermogen (gezonde verhouding ligt vaak rond de 1:3).
Debt ratio (vreemd vermogen gedeeld door balanstotaal).
Een hoge solvabiliteit betekent dat een onderneming financieel steviger staat en beter in staat is verplichtingen op lange termijn na te komen.
Rentabiliteit geeft inzicht in de winstgevendheid:
ROA (Return on Assets): winst na belasting gedeeld door totale activa – hoeveel winst wordt gemaakt per geïnvesteerde euro.
ROE (Return on Equity): winst na belasting gedeeld door het eigen vermogen – hoeveel rendement wordt behaald voor aandeelhouders.
Winstmarge: welk percentage van de omzet uiteindelijk overblijft als winst (bruto, operationeel of netto).
De omloopsnelheid toont hoe efficiënt een onderneming met haar vermogen omgaat. Dit kan bijvoorbeeld worden berekend op voorraad, vorderingen of totale activa. Hoe sneller het vermogen wordt omgezet, hoe efficiënter de onderneming werkt.
EBIT, EBITDA en Cashflow
EBIT: winst vóór aftrek van rente en belastingen. Laat het operationele resultaat zien.
EBITDA: EBIT plus afschrijvingen. Wordt vaak gebruikt om de prestaties van de kernactiviteiten te meten.
Cashflow: de netto instroom of uitstroom van liquide middelen in een periode. Een positieve cashflow is een belangrijk teken van financiële gezondheid.
Kerncijfers geven u als ondernemer of kredietverstrekker een compact overzicht van hoe een bedrijf er écht voorstaat. Ze maken het mogelijk om risico’s in te schatten, samenwerkingen af te wegen en betere zakelijke beslissingen te nemen.
De betalingsscore is een van de belangrijkste onderdelen in een kredietrapport, naast de algemene bedrijfsscore, rating en kredietlimiet. Deze score laat zien of een onderneming haar facturen op tijd betaalt en geeft u een praktisch beeld van het betalingsgedrag richting leveranciers.
Hoe hoger de score, hoe betrouwbaarder en sneller een bedrijf doorgaans betaalt. Een lage score kan juist duiden op structurele betalingsachterstanden of zelfs het ontbreken van betalingen.
8 – Betalingen worden tijdig en conform afspraak gedaan
7 – Gemiddeld 15 dagen te laat
6 – Gemiddeld 30 dagen te laat
5 – Gemiddeld 60 dagen te laat
4 – Gemiddeld 90 dagen te laat
3 – Gemiddeld 120 dagen te laat
2 – Gemiddeld 150 dagen te laat
1 – Geen betalingen / incassotraject
✅ Met de betalingsscore ziet u in één oogopslag of een onderneming haar afspraken nakomt. Dit helpt u te bepalen of u veilig zaken kunt doen, of dat extra zekerheid (zoals vooruitbetaling of kortere betaaltermijnen) verstandig is.
In een kredietrapport spelen de rating en de score een centrale rol. Samen geven ze een duidelijk beeld van het risico dat u loopt bij een zakelijke relatie.
De rating beoordeelt de kans op betalingsproblemen bij een onderneming op de middellange termijn. Deze wordt vastgesteld op basis van meerdere bronnen, waaronder:
Jaarrekeningen
Betalingservaringen
Bestuurdersinformatie
Algemene bedrijfsgegevens
Elke rating wordt weergegeven met een lettercombinatie. Hoe dichter bij AAA, hoe lager het risico. Hoe dichter bij C, hoe groter de kans dat een bedrijf zijn verplichtingen niet kan nakomen. Bedrijven die inactief of niet te beoordelen zijn krijgen een aparte aanduiding (D of Z).
AAA – Zeer sterk, uiterst laag risico
AA / A – Financieel gezond, laag risico
BBB – Bevredigende positie, beperkt risico
BB / B – Kwetsbaar bij economische tegenwind
CCC / CC – Ernstige problemen, hoog risico
C – Zeer grote kans op wanbetaling
D – Bedrijf is inactief of insolvent
Z – Onvoldoende gegevens beschikbaar
De score is een vereenvoudigde weergave van de rating. Hierbij wordt gewerkt met cijfers van 1 tot 8:
8 – Laag risico
7 – Verlaagd risico
6 – Gemiddeld risico
5 – Verhoogd risico
4 – Hoog risico
3 – Zeer hoog risico
2 – Onvoldoende gegevens beschikbaar
1 – Insolvent of activiteiten gestaakt
Een hoge rating of score betekent dat een onderneming betrouwbaar wordt geacht en verplichtingen doorgaans netjes nakomt.
Een lage rating of score kan een signaal zijn om strengere voorwaarden te stellen, zoals vooruitbetaling of een lagere kredietlimiet.
👉 Met rating en score ziet u in één oogopslag hoe solide een onderneming is. Dit maakt het eenvoudiger om te bepalen of een samenwerking verantwoord is.
De kredietlimiet, vaak ook kredietadvies genoemd, geeft een inschatting van het bedrag dat u een onderneming verantwoord op krediet kunt leveren. Dit advies wordt berekend op basis van verschillende factoren.
Wanneer een bedrijf een jaarrekening heeft gepubliceerd, worden de cijfers daaruit meegenomen in de berekening. Is er geen jaarrekening beschikbaar, dan spelen andere elementen een doorslaggevende rol, zoals:
De betalingsscore
De rechtsvorm
Het gestorte kapitaal
Het aantal jaren dat de onderneming actief is
De kredietlimiet is daarmee vooral een korte termijn-indicator: heeft de onderneming voldoende middelen en liquiditeit om facturen tijdig te betalen?
Voor het antwoord op de vraag hoe snel een bedrijf daadwerkelijk betaalt, is de betalingsscore in het kredietrapport de meest betrouwbare maatstaf.
